lijst van werken
vorige bladzijde




D E   L E E R L I N G E N


Zij waren eens zoo doelloos op zichzelf gedreven
dat elke nieuwe dag een graf van stilte was.
Teeder en eenzaam kwam Hij naar hun leven;
was het zijn leed, zijn vrede, die hun leed genas?

Zijn weinig spreken — ach, hoe luisterden de steenen —
dat als een lofzang zacht en helder klonk,
scheen, reeds om ’t komende Gethsemané te weenen
dien eersten lichten dag toen Hij zichzelven schonk.

Zoo hleef het. Geven, maar niet één gedachte
van hunne harten zocht hetgeen Hij vroeg.
Ontvangen? Altijd voelde Hij zich de verachte
die een zwaar kruishout naar den kruisberg droeg,

alleen en doelloos op zichzelf gedreven,
de eenige, die dit diep leed verdroeg.

















65





















volgende bladzijde
inhoudsopgave



aangemaakt: 22-04-2008 Copyright © 2010 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 13-08-2011