lijst van werken
vorige bladzijde



Z I J N  D R A M A 283

vorige bladzijde heid, niet zonder dat er grenzen werden getrokken, ja, die werd eenvoudig niet gekend, die werd slechts opgelucht en blijmoedig aanvaard in zoverre hij bruikbaar was om het officieel als goed erkende te vertolken. – En alles wat er tussen dit begin en dit einde aan opdrachten lag was al niet anders geweest dan deze beduchte welwillendheid, die ervoor moest waken dat Gezelle in zijn handelen als priester temidden der mensen niet aan zichzelf toekwam. Zijn benoeming – direct na Roeselare – aan de engelse School en het Engelse Seminarie te Brugge schijnt eveneens een van die schrandere compromissen van een wijs en wakker beleid. Daar, bij die engelse jongens, die zozeer Gezelle’s belangstelling hadden, kon hij dan zijn wat hij wilde, hij leverde er tevens geen, of nog slechts een minimaal gevaar op voor de vlaamse jeugd: het jonge vlaamse intellect dat de toekomst is. Het werd evenwel niet meer dan een kortstondig intermezzo. De toen volgende journalistieke opdrachten, de omvorming van een locaal politiek propagandablaadje en, kort nadien, de verzorging van een weekblaadje voor het brugse burgerdom, waren een ander compromis en, als men niet al te zeer let op Gezelle’s formaat, evenmin onwelwillend: Gezelle werd (men geneert zich eigenlijk een beetje het te vermelden) “van hoogerhand verzocht, zijn veerdigen Brugschen volkshumor tegen die vijand – ‘De Westvlaming’, dat in toon en strekking gemeen ongodsdienstig was – te richten” [10], en hoewel Gezelle ‘moest proza opnemen die zijn herte deed keeren’ [11], gaf hij zich geheel en presteerde hij met dat kiesgazetje het onmogelijke. Maar de eigenlijke Gezelle kwam er niet aan bod, die werd ook daar geneutraliseerd. Zelf liep hij, onvermijdelijk, weldra met andere plannen rond: ‘een nieuw weekschrift, te heeten, b.v.: Professorsbladje. Hij had het dus op ontwikkelde lieden gemunt, voelende dat zijn politiek geschrijf al te min en te laag bij den grond moest blijven’ [12], maar het werd een blaadje dat zijn lezerskring toch iets lager moest zoeken. ‘Hij leeft in eene wereld die hem tot haar doel gebruiken wil en zijn gemakkelijk, vinnig woord tot goede, maar lager practische doeleinden uitbuit.’ [13] En tegelijk waren ook de grenzen van zijn ‘zichzelf-geven’ vastgelegd en veilig gesteld door de grenzen die de beperkte ontvankelijkheid (én de beperkte kring) van het publiek waarvoor hij schrijven mocht, schiep. – Ook zijn aanstelling als onderpastor, in Brugge eersten nadien in het afgelegen, stille Kortrijk, was evenmin onwelwillend en, met een verstandige, vriendelijke pastoor volgende bladzijde





















volgende bladzijde
inhoudsopgave



aangemaakt: 22-12-2009 Copyright © 2009 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 29-12-2009