,,Hoe zijt Ge goed, voor ns, voor dt geslacht, voor die U dienen willen deze, deze tijd. Wr zal ik gaan, dat k deze tijd niet hore? Waar is de stilte stil van iedere roep.

   Als een hnd: in de verwarring van een avendstraat: hij schrikt, drentelt onrustig verder tikkelen nagels nerveus schrikt, aarzelt weet niet waarheen.

   Weh spricht: vergeh!
   Weh spricht: vergeh!
   doch alle Lust will Ewigkeit!
   will tiefe, tiefe Ewigkeit.











17






















aangemaakt: 12-01-2008 Copyright © 2011 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 08-08-2011