lijst van werken
vorige bladzijde





4

Ik dwaal ontwapend door Uw onuitputbre pracht.
Uw Aarde te aanschouwen word ik nimmer moe.
Aan haar doorgrond ik U als de volkomen Andre,
U, Glorievolle, die het Al hebt voortgebracht.
Om U te minnen, God, moest ik in God verandren,
k heb U niet lief, mijne vermogens reiken
zelfs tot geen aards beminnen of begrijpen
van het gelijke en het noembre toe.

5

O hoger droefheid, hoger vrede,
o eindlijke enkelvoudigheid,
onaardse aardsheid, kuise hemel,
o, in u onverganklijkheid.

6

Zo overweldigd zijn in ziel en zinnen.
Reeds hier zo onuitblusselijk beminnen.
Zo onvolkomen, en zo godlijk zijn.
O Meester, laat mij. Laat mij deze pijn.















72





















volgende bladzijde
inhoudsopgave




aangemaakt: 26-11-2007 Copyright © 2010 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 18-02-2010