lijst van werken
vorige bladzijde



Uit uwe handen...




Uit uwe zuivre handen wil ik onbevreesd aanvaarden
’t mij ruw en duister toebedeelde lot, –
gij zijt mijn souverein, wreed-schone Aarde,
uw wet vervult, en is, de eenge wil van God.

Niets wondt zozeer als ’t worden dezer wereld
en is zo vroom en groot en God gewijd.
al worde’ is ’t worstlen ener onvolkomen wereld,
ootmoedig d’ eeuwen door, om haar volkomenheid.

Alwie haar zelf-ontvouwen en zijn deel doorgrondde,
doorstromen nieuwe vreugd’ en sterker, feller kracht;
hij werd van ’t droefst en bitterste ontbonden –
zijn zonder eigen schoon, verworpen en omnacht.

Door God in u gegrondvest wil ’k aanvaarden
mijn deel, ’t zij doem of zege, in uw schoon bestaan.
U wil ik niet ontvluchten, kuise, wrede Aarde,
u wil ik vroom en trouw en trots zijn toegedaan.


(bij muziek van Beethoven)













41





















volgende bladzijde
inhoudsopgave




aangemaakt: 26-11-2007 Copyright © 2010 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 18-02-2010