lijst De Valbijl
vorige bladzijde


vorige bladzijde een wijde, hongerige, ontvankelike ziel bezit: n knstenaarsziel, begrijpt u. En dn gebeurt het ook dat gij, die met uw ontvankelike ziel het leven n u en m u noodwendig diep moet ondergaan, des te ruimer de rijkdom van uw Geloof zult weten, en des te breder en des te levender die sinteze zult ervaren. De realiteit van het leven kan u alleen de wijde spanning dier sinteze, de ontzaggelike Realiteit van uw Geloof openbaren.
   Mr, zult gij mij zeggen, dat eenvoudige vrouwtje, u-weet-wel. Zij weet niets van het leven; en voor wie is het Geloof meer een tastbare Realiteit.
    Kijk u eens meneer, dat zit em hierin: u zegt het ,,eenvoudige vrouwtje. Maar gij, intellektueel, die ziet en hoort wat er om u heen gebeurt, die iets ervan meent te begrijpen maar nog veel meer vrgt, op wie de problemen aanstormen; gij die beweert kunstenaar te zijn, gij die dus bezit een hevige honger iets te bezitten (z, dat wat gij bezit aan aardse dingen u telkens weer ontglippen zal) zoudt gij willen beweren eenvoudig te kunnen zijn d.i. het leven zien zonder problemen, in direkte vereniging met God. Dat ontkennen wij. Want dit is de tragiek van de kunstenaar (die het noodwendig gevolg is van zijn wezen) maar tevens zijn zegening: tussen hem en God staat de wereld, in hem kreunt de honger naar het oneindige en de honger naar het leven; alles wl hij bezitten, maar God alln mg hij bezitten, en eerst drn bezit hij alles.
   En eerst indien hij de aarde doorworsteld heeft en haar ontstegen is eerst dan zal hij zijn als het vrouwtje: eenvoudig, verstild.
   Die tastbare Realiteit is voor de kunstenaar het einde, maar nooit het begin: omdat hij alle tormenten der kruisiging doorstaan zal. Want weet u wt een kunstenaar is? Een kunstenaar is niets anders dan het weerkerend Godsverlangen der zonde 1): de zonde heeft de mens vereenzaamd: hun aller vereenzaming is in hem, misschien ondanks hem-zelve: een kunstenaar is het zoenoffer voor velen, de uitverkorene wiens roeping het is een kruisdood te sterven.

   Dit nu staat voor mij vast: dt, zijt gij een waarachtig kunstenaar, gij onmogelijk aan het leven in u, nch aan het u omringende kunt ontkomen: dat ligt nu eenmaal aan het wezen van een artiest: dat wezen is de liefde, en liefde is Godsverlangen: de resonanzen van alle leven moeten in uw werk hoorbaar zijn.

   Wat is nu met u het geval.
   Gij aanvaardt en ervaart dit leven, als een stille vijverplas n keitje: een rimpeling kringt uit, ng n keitje: ng n rimpeling uitkringt: waarna de stilte van voorheen: (afgezien natuurlik van die duvelsche kwajongen die het waagt er ng n keitje in te smijten). ,,Zaken zijn zaken zeide de burgerman, en wijl zijn zieltje n dood dingetje is, is voortaan het leven hem een zeer eenvoudig wegje. Gij volgende bladzijde


1) De vader van die de harp bespeelden was Jubal uit het geslacht Kan.

29






















lijst De Valbijl
volgende bladzijde



aangemaakt: 19-07-2013 Copyright © 2013 by
R. Bruning en Th. Bruning
copyright
laatste aanpassing: 19-07-2013